Het Regeerakkoord 2017 – 2021: een opsomming

RedactieAlgemeen

Op dinsdag 10 oktober presenteerden coalitiepartijen VVD, CDA, D66 en ChristenUnie het Regeerakkoord voor 2017 tot en met 2021. Hoewel partijen onderling verdeelde standpunten hebben, is er een regeerakkoord opgesteld dat de nodige veranderingen teweeg brengt. Welke veranderingen kunnen voor u van belang zijn?

  • Werknemers krijgen vanaf het begin van hun arbeidsovereenkomst recht op transitievergoeding. Voorheen bestond dit recht pas na twee jaar. Voor elk jaar dienstverband bedraagt de transitievergoeding een derde maandsalaris.
  • De proeftijd bij een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd wordt verruimd. Indien een werkgever direct (als eerste contract) een contract voor onbepaalde tijd aanbiedt, wordt de proeftijd verruimd naar vijf maanden.
  • Vaders hebben per 1 januari 2019 recht op vijf dagen kraamverlof. Dit verlof moet opgenomen worden binnen vier weken, waarbij werkgevers het volledige loon doorbetalen.
  • Daarnaast krijgen vaders aanvullend kraamverlof van vijf weken per 1 juli 2020. Dit verlof moet opgenomen worden in het eerste halfjaar na de geboorte. Tijdens het verlof ontvangt de werknemer een uitkering van het UWV, tegen 70% van het dagloon (tot ten hoogste 70% van het maximum dagloon).
  • Voor zzp-ers wordt bepaald dat altijd sprake is van een arbeidsovereenkomst bij een laag tarief (loonkosten onder 125% van het wettelijke minimumloon; waarschijnlijk tussen de €15 en €18) in combinatie met een langere duur van de overeenkomst (langer dan drie maanden). Dit betekent ook dat er een minimumuurtarief voor zzp-ers komt van tussen de €15 en €18. Onder dat uurtarief word je immers (meestal) geacht te werken onder een arbeidsovereenkomst.
  • Voor zzp-ers boven het ‘lage tarief’ wordt een opdrachtgeversverklaring ingevoerd. Deze geeft opdrachtgevers vooraf duidelijkheid en zekerheid bij de inhuur van zelfstandige ondernemers, zoals zekerheid van vrijwaring van loonbelasting en premies werknemersverzekeringen.
  • De ketenregeling wordt verruimd: de periode waarna elkaar opeenvolgende tijdelijke arbeidsovereenkomsten overgaan in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, wordt verlengd van twee naar drie jaar.
  • Het lage btw-tarief, voor eerste levensbehoeften, stijgt van 6% naar 9%.
  • In plaats van de huidige vier belastingschijven zullen er maar twee belastingschijven zijn: een laag tarief van 36,9% en een hoog tarief van 49,5%.
  • Een werkgever mag voortaan een cumulatie van omstandigheden genoemd in de verschillende ontslaggronden aanvoeren, ter afweging of ontslag gerechtvaardigd is. Hier staat voor de werknemer tegenover dat de rechter een extra vergoeding kan toekennen van maximaal de helft van de transitievergoeding (bovenop de reeds bestaande transitievergoeding).
  • De rente over een studielening gaat omhoog. Deze wordt gelijkgesteld aan de 10-jaarsrente.
  • Het collegegeld voor het eerste jaar van het hoger onderwijs (HBO/WO) wordt met ingang van collegejaar 2018/2019 gehalveerd.
  • De hypotheekrenteaftrek wordt vanaf 2020 versneld afgebouwd naar 37% in 2023. Daarnaast wordt het eigenwoningforfait verlaagd (het bedrag waarover je extra belasting moet betalen als je een eigen woning hebt).
  • Voor personen die in de WIA zitten, wordt het aantrekkelijker om te gaan werken. In de eerste vijf jaar na het aanvaarden van een baan, zal niet worden getoetst of het verdienvermogen van de werkhervatter is gewijzigd. Het aanvaarden van werk leidt hierdoor niet tot onzekerheid over het mogelijke verlies van het recht op de uitkering (in geval van baanverlies). Voor personen die in de toekomst instromen in de WIA, zal scherper gekeken worden naar geschikt werk bij de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid.

RedactieHet Regeerakkoord 2017 – 2021: een opsomming