De belasting over spaargeld en beleggingen, ook wel bekend als box 3, is de afgelopen jaren ingrijpend veranderd. Veel mensen kregen te maken met een belastingheffing die niet aansloot bij hun werkelijke inkomsten. Na ingrijpen van de rechter is de overheid gedwongen het systeem aan te passen. In dit artikel leggen wij uit wat box 3 is, waarom het oude systeem is afgeschaft en wat de huidige en toekomstige regels betekenen voor burgers.
Wat is box 3?
In Nederland wordt inkomstenbelasting geheven in drie verschillende boxen. Box 3 ziet op inkomen uit sparen en beleggen. Het gaat daarbij niet om loon of winst uit onderneming, maar om vermogen dat iemand bezit. Denk hierbij aan spaargeld op een bankrekening, beleggingen zoals aandelen of obligaties, een tweede woning of ander vastgoed dat niet als hoofdverblijf dient, en soms ook contant geld. Eventuele schulden mogen in veel gevallen van dit vermogen worden afgetrokken. Over het saldo wordt belasting geheven.
Hoe werkte box 3 vroeger?
Tot enkele jaren geleden werd in box 3 geen rekening gehouden met het werkelijke rendement dat iemand behaalde. In plaats daarvan ging de Belastingdienst uit van een zogenoemd fictief rendement. De overheid schatte hoeveel rendement iemand gemiddeld zou behalen op zijn vermogen en belastte dat bedrag, ongeacht of dit rendement daadwerkelijk was gerealiseerd.
Dit systeem werkte lange tijd relatief probleemloos, maar werd steeds onrechtvaardiger toen de spaarrentes sterk daalden. Veel mensen ontvingen nauwelijks rente op hun spaargeld, maar moesten toch belasting betalen alsof zij een redelijk rendement hadden behaald. Hierdoor betaalden sommige belastingplichtigen meer belasting dan zij aan inkomen uit vermogen hadden ontvangen.
Ingrijpen door de rechter
In 2021 oordeelde de Hoge Raad dat deze manier van belastingheffing in strijd was met het eigendomsrecht en het gelijkheidsbeginsel. Volgens de rechter werden mensen met weinig of geen rendement onterecht zwaar belast. Dit betekende dat de overheid niet alleen het systeem moest aanpassen, maar ook rechtsherstel moest bieden aan mensen die te veel belasting hadden betaald.
De huidige tijdelijke regeling
Omdat het ontwikkelen van een volledig nieuw systeem tijd kost, geldt momenteel een tijdelijke regeling voor box 3. In deze overbruggingsperiode wordt niet meer uitgegaan van één gemiddeld rendement voor al het vermogen. In plaats daarvan maakt de Belastingdienst onderscheid tussen verschillende soorten vermogen, zoals spaargeld en beleggingen. Voor spaargeld geldt een relatief laag forfaitair rendement, terwijl voor beleggingen een hoger rendement wordt verondersteld.
Hoewel dit systeem nog steeds niet uitgaat van het daadwerkelijk behaalde rendement, sluit het beter aan bij de economische werkelijkheid dan het oude stelsel. Vooral spaarders worden hierdoor minder zwaar belast dan voorheen.
Het nieuwe box 3-stelsel: belasting over werkelijk rendement
De overheid werkt aan een nieuw box 3-stelsel waarin het werkelijk behaalde rendement centraal staat. Dit betekent dat belasting wordt geheven over wat iemand daadwerkelijk verdient met zijn vermogen, zoals ontvangen rente, dividend en winst bij verkoop van beleggingen. Ook waardestijgingen van beleggingen kunnen onder dit systeem worden belast, zelfs als deze nog niet zijn verkocht.
Dit nieuwe systeem moet zorgen voor meer rechtvaardigheid, maar brengt ook vragen en onzekerheden met zich mee. Zo is het voor veel mensen lastig om jaarlijks precies vast te stellen wat hun werkelijke rendement is. Daarnaast vraagt het nieuwe systeem veel van de administratie van zowel burgers als de Belastingdienst. Om die reden is de invoering meerdere keren uitgesteld en wordt deze op zijn vroegst in 2027 verwacht.
Wat betekenen deze veranderingen voor burgers?
Voor veel mensen, met name spaarders, zijn de veranderingen gunstig. Zij betalen minder snel belasting over rendement dat zij niet hebben ontvangen. Voor mensen met beleggingen kan de uitkomst wisselen: wie hoge winsten behaalt, kan in de toekomst juist meer belasting gaan betalen dan onder het oude systeem.
Heeft u vragen naar aanleiding van dit artikel? De Rechtswinkel Rotterdam is telefonisch bereikbaar op maandag en donderdag van 13:30-17:30 en op dinsdag, woensdag en vrijdag van 8:30-12:30.

