Veel patiënten vertrouwen erop dat ziekenhuizen, tandartsen en andere zorginstellingen hen deskundig begeleiden tijdens een medisch traject. In de praktijk ontstaan echter regelmatig problemen door onvoldoende communicatie, uitgestelde afspraken, onduidelijke behandelplannen of verwachtingen die achteraf niet haalbaar blijken. Hierdoor kunnen patiënten niet alleen stress en onzekerheid ervaren, maar soms ook onnodige medische kosten maken, zoals kosten voor onderzoeken, scans of consulten die uiteindelijk weinig nut blijken te hebben.
Maar wat zijn in zulke situaties eigenlijk de rechten van patiënten? Welke verplichtingen hebben zorgverleners? En wanneer kan een patiënt mogelijk recht hebben op een vergoeding van schade of gemaakte kosten?
Namens de Stichting Rechtswinkel Rotterdam zal er in dit artikel nader toegelicht worden welke rechten en plichten patiënten en zorginstellingen hebben tijdens een medisch traject. Ook zal er nader uitgelegd worden welke juridische stappen mogelijk zijn wanneer er sprake is van gebrekkige communicatie, onrealistische verwachtingen en/of onnodige medische kosten.
1 | De geneeskundige behandelingsovereenkomst (WGBO)
De relatie tussen een patiënt en een zorgverlener wordt juridisch geregeld in de zogenaamde geneeskundige behandelingsovereenkomst. Deze regels staan in Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, met name in artikel 7:446 BW en verder. Deze wetgeving wordt vaak aangeduid als de WGBO.
Op grond van de WGBO heeft een zorgverlener verschillende verplichtingen tegenover de patiënt. Zo moet een arts of zorginstelling handelen als een “goed hulpverlener” (artikel 7:453 BW). Dit betekent dat een zorgverlener zorgvuldig, deskundig en professioneel moet handelen volgens de geldende medische normen. Daarnaast heeft een zorgverlener een belangrijke informatieplicht. Op grond van artikel 7:448 BW moet een patiënt duidelijk worden geïnformeerd over onder andere:
- de aard van de behandeling;
- mogelijke risico’s;
- alternatieven;
- de haalbaarheid van een behandeling;
- en de verwachte duur van het traject.
Een patiënt moet namelijk een weloverwogen beslissing kunnen nemen over zijn of haar behandeling.
2 | Wanneer kan communicatie problematisch worden?
In de praktijk ontstaan conflicten vaak niet direct door een medische fout, maar door gebrekkige communicatie. Denk bijvoorbeeld aan situaties waarin:
- afspraken voortdurend worden uitgesteld;
- patiënten maandenlang in onzekerheid blijven;
- artsen te optimistische verwachtingen schetsen;
- behandelingen uiteindelijk toch niet mogelijk blijken;
- of patiënten kosten maken voor onderzoeken terwijl de kans van slagen van de behandeling al zeer onzeker was.
Bij complexe medische situaties, zoals aangeboren afwijkingen, langdurige orthodontische trajecten of specialistische operaties, is duidelijke communicatie extra belangrijk. Een ziekenhuis of kliniek hoeft niet altijd een succesvolle behandeling te garanderen, maar moet wel eerlijk en realistisch communiceren over de kansen, beperkingen en onzekerheden van een behandeling.
3 | Zijn onderzoeken zoals scans of röntgenfoto’s altijd onnodig?
Niet automatisch. Veel patiënten denken dat bepaalde onderzoeken “onnodig” waren wanneer een behandeling uiteindelijk niet doorgaat. Juridisch ligt dit genuanceerder. Een zorgverlener mag vaak diagnostische onderzoeken uitvoeren wanneer deze medisch noodzakelijk zijn om een behandelplan op te stellen. Denkt u aan:
- röntgenfoto’s;
- MRI-scans;
- CT-scans;
- of behandelplannen.
Zelfs wanneer een patiënt al eerder medische informatie of buitenlandse scans heeft aangeleverd, kan een arts soms alsnog nieuwe onderzoeken nodig hebben om zelfstandig een verantwoord medisch oordeel te vormen.
Dat betekent echter niet dat een zorginstelling nooit aansprakelijk kan zijn. Wanneer een zorgverlener bijvoorbeeld al vroeg wist of redelijkerwijs had moeten begrijpen dat een behandeling waarschijnlijk niet haalbaar was, maar tóch langdurig verwachtingen bleef scheppen of hoge kosten liet maken zonder voldoende waarschuwing, kan dat juridisch relevant zijn.
4 | Wanneer kan een patiënt mogelijk recht hebben op vergoeding?
Een patiënt kan in sommige gevallen aanspraak maken op vergoeding van schade of kosten. Daarbij moet onderscheid worden gemaakt tussen:
- materiële schade;
- en immateriële schade.
4.1 | Materiële schade
Materiële schade betreft financiële schade, zoals:
- kosten van onnodige onderzoeken;
- extra medische kosten;
- reiskosten;
- inkomensverlies;
- of kosten voor aanvullende behandelingen.
Om hiervoor een vergoeding te krijgen, moet meestal worden aangetoond dat:
- de zorgverlener tekort is geschoten in zijn zorgplicht;
- er schade is ontstaan;
- en er een verband bestaat tussen die fout en de schade.
Dit volgt onder andere uit artikel 6:74 BW (wanprestatie) en artikel 6:162 BW (onrechtmatige daad).
4.2 | Immateriële schade
In sommige ernstige gevallen kan ook smartengeld worden gevorderd, bijvoorbeeld bij psychische schade, ernstige stress of aantasting van de persoonlijke levenssfeer.
De wettelijke basis hiervoor staat in artikel 6:106 BW. Op grond van dit artikel kan een patiënt in bepaalde gevallen aanspraak maken op een vergoeding wanneer sprake is van:
- lichamelijk letsel;
- aantasting van eer of goede naam;
- of “aantasting in de persoon op andere wijze”.
Vooral die laatste categorie is in medische zaken relevant. Het is belangrijk om te benadrukken dat niet iedere negatieve ervaring in de zorg automatisch recht geeft op immateriële schadevergoeding. De juridische drempel hiervoor ligt relatief hoog. Enkele voorbeelden van situaties waarin mogelijk wél sprake kan zijn van immateriële schade zijn:
- ernstige psychische klachten door medische fouten;
- langdurige angst of onzekerheid door gebrekkige communicatie;
- aantoonbare stressklachten door onzorgvuldig handelen;
- of situaties waarin een patiënt langdurig emotioneel is belast door foutieve medische informatie.
De drempel hiervoor ligt dus juridisch wel relatief hoog. Niet iedere teleurstelling of frustratie leidt automatisch tot recht op smartengeld. Rechters kijken daarbij vaak naar:
- de ernst van de gevolgen;
- de duur van de klachten;
- de mate van verwijtbaarheid van de zorgverlener;
- en of de psychische schade voldoende aantoonbaar is.
5 | Wat kunnen patiënten concreet doen?
Wanneer een patiënt problemen ervaart binnen een medisch traject, is het belangrijk om actief en zorgvuldig te handelen.
5.1 | Vraag het medisch dossier op
Op grond van artikel 7:456 BW heeft iedere patiënt recht op inzage in het medisch dossier. Dit dossier kan belangrijke informatie bevatten over:
- behandelkeuzes;
- interne notities;
- gemaakte afwegingen;
- en communicatie tussen zorgverleners.
5.2 | Verzamel bewijs
Bewaar:
- e-mails;
- afsprakenoverzichten;
- facturen;
- WhatsApp-berichten;
- medische verslagen;
- en eventuele toezeggingen van zorgverleners.
Dit kan later belangrijk bewijs vormen.
5.3 | Dien eerst een interne klacht in
Vrijwel iedere zorginstelling heeft een klachtenregeling. Op grond van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) moeten zorgaanbieders beschikken over een klachtenprocedure. Een duidelijke, feitelijke klacht kan soms al leiden tot:
- excuses;
- verduidelijking;
- of een gedeeltelijke vergoeding.
5.4 | Naar een geschillencommissie
Wanneer een interne klacht niet helpt, kan een patiënt vaak terecht bij een onafhankelijke geschillencommissie in de zorg. Deze commissies beoordelen onder andere:
- communicatie;
- zorgvuldigheid;
- redelijkheid;
- en schadeclaims.
6 | Welke plichten hebben patiënten zelf?
Ook patiënten hebben verplichtingen. Zo moet een patiënt:
- correcte medische informatie verstrekken;
- meewerken aan onderzoeken;
- afspraken nakomen;
- en relevante documenten tijdig aanleveren.
Wanneer een patiënt bijvoorbeeld noodzakelijke medische gegevens niet verstrekt, kan dit de beoordeling van een klacht beïnvloeden.
7 | Tips voor zorginstellingen
Ook voor ziekenhuizen en klinieken zijn er belangrijke lessen. Veel juridische conflicten ontstaan niet uitsluitend door medische fouten, maar door slechte communicatie. Zorginstellingen doen er verstandig aan om:
- realistische verwachtingen te scheppen;
- onzekerheden eerlijk te benoemen;
- vertragingen duidelijk uit te leggen;
- en medische keuzes goed te documenteren.
Heldere communicatie kan veel escalaties voorkomen.
8 | Conclusie
Een zorgverlener hoeft niet altijd een succesvol resultaat te garanderen, zeker niet bij complexe medische trajecten. Wel moeten ziekenhuizen, tandartsen en andere zorginstellingen zorgvuldig, transparant en professioneel handelen. Wanneer patiënten door gebrekkige communicatie, uitgestelde trajecten of onrealistische verwachtingen onnodige kosten maken, kunnen zij in sommige gevallen juridische stappen ondernemen of een vergoeding vragen.
Daarbij is het belangrijk dat patiënten hun dossier goed opbouwen, medische stukken bewaren en eerst gebruikmaken van de klachten- en geschillenprocedures binnen de zorg. Goede communicatie en duidelijke verwachtingen blijven uiteindelijk de sleutel tot het voorkomen van juridische conflicten in de medische wereld.
Heeft u vragen naar aanleiding van dit artikel? De Rechtswinkel Rotterdam is telefonisch bereikbaar op:
I) Maandag om 13:00-17:00;
II) Dinsdag, woensdag en vrijdag om 8:30-12:30;
III) Donderdag om 13:30-17:30.

